Na enkele jaren van ingetogen, sterk geëngageerde en sobere figuratieve schilderijen, collages en monotypes keert de Nederlands-Russische kunstenaar Masha Trebukova (Moskou, 1962) terug naar de 'vrijheid van verbeelding’ die herinnert aan haar eerste opzienbarende en succesvolle tentoonstelling bij Kunsthandel M.L. de Boer in 1990. Dertig jaar later is de tentoonstelling CELEBRATING COLOR bij BorzoGallery in velerlei opzicht zowel terugblik als toekomstperspectief.
     In een bijzonder helder en verhalend essay dat hieronder is opgenomen, schetst Ted de Boer de carrière van Masha sinds haar vertrek uit Moskou en vestiging in Nederland in 1990. Cineast en zoon van de kunstenaar, Pavel Ananich, filmde zijn moeder in het atelier, volgt haar ook bij de inrichting in de galerie en laat haar vertellen.
      Het essay van Ted de Boer in geschreven vorm en het korte gefilmde portret van Pavel zijn beide perfecte begeleiders bij deze nieuwe tentoonstelling van Masha Trebukova bij Borzo.

De tentoonstelling is van 27 mei tot en met 4 juli te bezoeken. Het maken van een afspraak voor een bezichtiging wordt op prijs gesteld.

De veelzijdigheid van Masha Trebukova
Door Ted de Boer

In 1988 bracht een groep Nederlandse kunstenaars een bezoek aan Moskou, en min of meer bij toeval ontmoette Masha Trebukova toen de beeldhouwster Heleen Levano, die haar uitnodigde om een paar weken in Nederland te komen logeren bij haar en haar man Eric Claus. Dat leidde tot een eerste bezoek aan Nederland, begin 1989. Via Claus en Levano kwam Masha in contact met mijn vader, de kunsthandelaar M.L. de Boer, die een aantal tekeningen, gouaches en etsen van haar kocht en haar een tentoonstelling in het vooruitzicht stelde. Die vond plaats in het voorjaar van 1990 en was een enorm succes. Er werden in totaal 91 werken verkocht. Dat zal ongetwijfeld van invloed geweest zijn op Masha’s beslissing om Moskou definitief te verlaten en zich in Nederland te vestigen. Dat gebeurde het jaar daarna, in 1991.

Vanaf die tijd heb ik Masha en haar werk goed leren kennen. Mijn vader overleed namelijk in datzelfde jaar en daarmee kreeg ik de verantwoordelijkheid voor het beleid van zijn galerie. Masha behoorde tot de vaste exposanten, en dat bleef zo, ook nadat ik besloten had nog maar één keer per jaar een expositie te organiseren, en wel in samenwerking met Kunsthandel Borzo, toen nog gevestigd in Den Bosch. De eerste van die jaarlijkse coproducties was de tentoonstelling ‘Invitaties’ in 1997, waarvoor Masha haar kunstbroeders Evgeni Dybsky en Simon Adjiashvili had uitgenodigd. Die kreeg nog een herhaling in 2007 met ‘Invitaties II’ en daarna heeft Kunsthandel De Boer haar deuren definitief gesloten. In totaal zijn er zeven exposities van Masha geweest bij De Boer, al dan niet in samenwerking met Borzo, en zes bij Borzo alleen, nog afgezien van de kunstbeurzen waar haar werk in de stand van Borzo werd gepresenteerd. 

Wat mij in al die jaren is opgevallen, is de veelzijdigheid van Masha’s kunst. Op die eerste tentoonstelling bij De Boer in 1990 waren niet alleen olieverven te zien, maar ook tekeningen, gouaches, pastels, etsen en litho’s. Er waren verschillende ‘tweeluiken’, zelfs een ‘negenluik’, en verscheiden ‘dubbele composities’ in pastel. Later komen daar nog andere technieken bij: monoprints, materieschilderijen, kakemono’s, collages op papier, jute of linnen. Halverwege de jaren negentig krijgt het grafische element in haar werk meer nadruk, wat resulteert in composities met een ets-achtig lijnenspel of met kalligrafisch aandoende tekens. Daarna komt een periode waarin de schilderijen en collages een uitgesproken landschappelijk karakter hebben – hetgeen steeds nadrukkelijker blijkt uit titels als ‘Ochtendlicht’, ‘Heuvel’, ‘Storm’, ‘Uitzicht’, ‘Kloof’, ‘Wandeling’ of ‘In de bergen’ – maar het idioom blijft non-figuratief. Het coloriet verandert in die jaren van bezonken grijs en blauw naar uitbundig geel, rood en groen. Onder invloed van reizen naar India en Italië komen daar later nog zachtroze en turquoise bij, en ultramarijn en de aardse kleuren van Toscaanse fresco’s. Maar wanneer in 2013 de bibliofiele uitgave ‘Uit de leegte’ verschijnt, zijn de kleuren aanzienlijk getemperd en voert het grafische element ontegenzeggelijk de boventoon. 

Dat boek is de opmaat voor een reeks projecten die opnieuw de veelzijdigheid van de kunstenaar Masha Trebukova bevestigen. Het begint met een ‘Bijbelse suite’ van abstracte monoprints die tussen 2008 en 2012 tot stand komen en in 2013 onder de titel ‘Creation’ als installatie worden gepresenteerd in een leegstaand kerkje in de provincie Groningen. Daarna volgt het project ‘Cathedral’, geïnspireerd door sculpturen die Masha zag in Romaanse kerken in Frankrijk en Spanje. Hiervoor maakte zij meer dan honderd monoprints in verschillende formaten en samenstellingen, die als installatie te zien waren in de ascetische omgeving van de Priorij Emmaus op het landgoed Doornburgh in Maarssen. Door de carborundum techniek die zij hiervoor gebruikte was het kleurgebruik teruggebracht tot zwartbruin op een geelwitte ondergrond. Maar wat mij vooral frappeerde, was de overstap van abstractie naar figuratie. Ik had wel eens etsen van Masha gezien met daarop een boom of een lege straat met brandende lantaarns, maar die dateerden nog uit de Russische jaren. Daarna ontbrak in haar werk iedere verwijzing naar de tastbare werkelijkheid en menselijke figuren waren er zeker niet in te herkennen. Maar ‘Cathedral’ is een cavalcade van zeer herkenbare personages: koningen, profeten, engelen, muzikanten, dansers en potsenmakers, in beeld gebracht in een stijl die direct het Middeleeuwse voorbeeld in herinnering brengt. 

Menselijke figuren bevolken ook de tekeningen van de installatie ‘Columbarium’, die in 2019 te zien was in de Mozes en Aaronkerk in Amsterdam als onderdeel van het project ‘Stations of the Cross’. Hier vormden de beelden van de oorlogen in het Midden-Oosten en de Oekraïne de inspiratiebron voor een ‘urnenzuil’ van tekeningen op krantenpapier. In het verlengde hiervan ontstond het project ‘Anywhere, Anytime’, een zestal ‘boeken’ bestaande uit beschilderde tijdschriften met voorstellingen van oorlog en vrede. Waar de meeste figuren van ‘Cathedral’ blijmoedigheid en onschuld uitstralen, zijn de personages van deze tekeningen omgeven door een aura van dreiging, wanhoop, verlies en rouw. 

Weer heel anders van expressie zijn de tekeningen die op deze tentoonstelling van recent werk van Masha te zien zijn. Hier zien we geen menselijke figuren, maar alleen lege straten en grachten, Amsterdamse stadsbeelden tijdens de coronacrisis. Opvallend zijn de brandende lantaarns in sommige tekeningen, die ons terugbrengen naar de ets van een straat in Moskou uit 1987. Betekent dit dat de cirkel rond is en dat Masha na bijna drie decennia abstract te hebben gewerkt, teruggekeerd is naar de figuratie? Dat is zeker niet het geval, zoals blijkt uit het overige werk dat nu bij Borzo geëxposeerd wordt en dat voor het grootste deel in het afgelopen jaar tot stand kwam, dus ná ‘Cathedral’, ‘Columbarium’ en ‘Anywhere, Anytime’. Op het eerste gezicht zijn het allemaal non-figuratieve schilderijen en collages, de meeste weer met een uitgesproken landschappelijk karakter. 

Maar wie langer kijkt, krijgt oog voor wat daarin tot uitdrukking wordt gebracht: de herinnering aan een werkelijkheid die de kunstenaar – bewust of onbewust – ooit heeft beleefd. In Masha’s eigen woorden: ‘Mijn schilderijen verwijzen naar plaatsen waarheen ik niet meer kan terugkeren, maar waaraan ik nog steeds herinneringen bewaar’. Die herinneringen kunnen reëel zijn, zoals de herinnering aan de muurschilderingen in de Indiase stad Bundi in ‘Indian blue’, maar ook imaginair, ontleend aan een muzikale of literaire bron. Het monumentale schilderij ‘Naxos’, bijvoorbeeld, werd niet geïnspireerd door een bezoek aan het Griekse eiland – Masha is er nooit geweest – maar door de verhalen in de Griekse mythologie over Ariadne die door Theseus in de steek gelaten wordt en achterblijft op Naxos. De kleuren blauw die in dit schilderij gebruikt zijn, refereren aan de zee die het eiland omspoelt, de wolkeloze hemel erboven en misschien zelfs aan het typische wit en blauw van de Cycladische architectuur. 

Zo bezien, zijn alle schilderijen op deze tentoonstelling verbeeldingen van de werkelijkheid zoals de kunstenaar die heeft ervaren, en daarom zijn ze niet minder realistisch dan de ‘figuratieve’ werken die ik eerder noemde. Masha’s veelzijdigheid moet dan ook niet worden afgemeten aan de afwisseling tussen figuratie en abstractie in haar werk – die tegenstelling is hoe dan ook nietszeggend – maar aan haar  vindingrijkheid bij het zichtbaar maken van háár werkelijkheid, een vindingrijkheid die blijkt uit haar keuze van technieken, materialen, kleuren, ondergrond en gelaagdheid, in alle denkbare combinaties. 

Ik ken haar werk nu dertig jaar en steeds weer verrast Masha mij met iets dat ik nog niet van haar kende: een nieuwe invalshoek, een nieuw concept, een nieuwe combinatie van kleur, techniek en materiaal. De nieuwe ideeën en uitdrukkingsvormen mogen dan heel anders ogen dan haar werk uit vroegere periodes, na een kortstondige onwennigheid valt daarin toch steeds weer de hand van Masha Trebukova te herkennen. Dat lijkt me het beste bewijs van haar veelzijdigheid, die door deze tentoonstelling opnieuw wordt bevestigd. Graag nodig ik u uit om dat met eigen ogen te komen zien.

 

De tentoonstelling is vanaf 27 mei te bezoeken. Het maken van een afspraak voor een bezichtiging wordt op prijs gesteld.

12Masha Trebukova Naxos 2010 2019 Mixed media on canvas 200 x 360 cm kopie

Masha Trebukova, Naxos (drieluik), 2010-2019, Gemengde techniek op doek, 200 x 360 cm