Constant Nederlands, 1920-2005

Werken
  • Constant, Untitled, 1976
    Untitled, 1976
  • Constant, Happening, 1973
    Happening, 1973
  • Constant, Mensen in de Sneeuw / Group Figures, 1971
    Mensen in de Sneeuw / Group Figures, 1971
  • Constant, Ode à l'Odéon, 1969
    Ode à l'Odéon, 1969
  • Constant, New Babylon, 1963
    New Babylon, 1963
  • Constant, Two Towers, 1959
    Two Towers, 1959
Biografie

Constant (Amsterdam, 1920 – Utrecht, 2005. Geboren als Constant Anton Nieuwenhuys) studeerde aan de Rijksakademie van beeldende kunsten in Amsterdam, alvorens samen met Corneille en Karel Appel de Experimentele Groep Holland op te richten in juli 1948. Datzelfde jaar, op 8 november in Parijs, fuseerde de groep met geestverwante kunstenaars uit België en Denemarken tot CoBrA, genoemd naar de thuissteden van de leden: Kopenhagen, Brussel en Amsterdam. De energie van de beweging vond een eerste hoogtepunt in de baanbrekende tentoonstelling Internationale Experimentele Kunst in het Stedelijk Museum Amsterdam in 1949. Met zijn veelvuldige theoretische geschriften over de verhouding tussen kunst, cultuur en samenleving groeide Constant uit tot de belangrijkste intellectuele stem van de beweging. De groep viel uiteen na een tentoonstelling in Luik in november 1951, al bleef haar geest nog lang doorwerken onder kunstenaars tot ver in het einde van de eeuw.

 

Na zijn CoBrA-periode richtte Constant zich op de synthese van de kunsten. Tussen 1957 en 1960 was hij een prominente deelnemer aan de Situationist International (SI), de radicale avant-gardebeweging opgericht door Guy Debord, voor wiens tijdschrift hij verscheidene theoretische teksten schreef.

 

In deze periode nam zijn meest ambitieuze project vorm aan. New Babylon — ontwikkeld tussen 1956 en 1974 — is een visionair ontwerp voor een toekomstige stad die de gehele wereld omspant, gerealiseerd in maquettes, constructies, sculpturen, geografische kaarten, schilderijen en tekeningen. Het project verbeeldt een samenleving bevrijd van arbeid en georganiseerd rondom creatief spel, als een planetair netwerk van onderling verbonden sectoren waardoorheen de homo ludens — de spelende mens, de scheppende mens — zich vrij beweegt. Het is geen na te volgen blauwdruk, benadrukte Constant, maar een verbeelding van een mogelijke levenswijze. Belangrijke werken uit deze periode zijn onder meer Ode à l'Odéon (1969), geschilderd als reactie op de Parijse studentenopstand, en de monumentale reeks sectorkaarten en ruimtelijke constructies die grotendeels worden bewaard in het Kunstmuseum Den Haag. New Babylon geldt tot op de dag van vandaag als een fundamentele inspiratiebron binnen het architectonisch denken.

 

Na 1969 keerde Constant terug naar de schilderkunst, waarin hij zich bleef toeleggen op het creëren van ruimte en diepte door middel van kleur — een techniek die bekendstaat als colorisme, met wortels in het werk van Titiaan, Delacroix en Cézanne. In zijn latere jaren richtten zijn doeken zich steeds vaker op urgente politieke werkelijkheden, waaronder de Vietnamoorlog, de hongersnood in Afrika en het conflict in Kosovo — een bewijs dat zijn overtuiging dat kunst een vorm van maatschappelijke reflectie dient te zijn, nooit is afgenomen.

 

Werken in openbare collecties (selectie)

Kunstmuseum Den Haag, The Hague | Stedelijk Museum Amsterdam | Museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam | CoBrA Museum, Amstelveen | Centre Pompidou, Paris | Tate Modern, London | MoMA, New York | MACBA, Barcelona

Tentoonstellingen
Publicaties